Mevrouw Dijksma,

Ik ben nogal teleurgesteld in u.

U beloofde mannen dat ze zich gisteren tussen 15.00 en 17.00 uur in de buurt van de Stadhuisbrug gratis konden laten naroepen door vrouwen.

Dat was een of ander project van de gemeente.

Dus ik in de dieselauto naar Utrecht.

Want ik wilde weleens met eigen oren horen welk leed de vrouwen in de grote stad allemaal wordt aangedaan.

Wat ik als fervent krantenlezer had verwacht?

 

Dat daar bij die Stadhuisbrug een groep opgeschoten Marokkaanse meiden met scootertjes zou staan.

Dat er eentje uit de groep een stap naar voren zou zetten als ik langsliep.

“Hé, hoerrtje.”

En dat ik dan de andere kant op zou kijken.

“Hoerr! Jij! Luisterr!”

En dat er dan een paar anderen naar voren stapten en ik een duw kreeg.

“Kankurrrslet. Wil je dood ofzo? Abu tagna.”

En dat ze met z’n allen om me heen kwamen staan en geld eisten en ik mijn pinpas zou pakken.

“Alleen cash, zakof!”

 

En dat dan net op het moment dat ik echt voor schade aan lijf en leden begon te vrezen omdat het wel heel veel van die hyperagressieve scootermeiden waren en er inmiddels messen onder mijn neus werden gehouden, de politie van alle kanten aan kwam rijden, dat gajes overmeesterde, tie-wraps omdeed, en meenam naar de provisorische rechtbank twee huisnummers verderop.

En dat daar het Openbaar Ministerie en de rechter in een supersnelrechtzitting dermate streng zouden zijn dat die grietjes het voortaan wel zouden laten om een kleine kale oude man zo de stuipen op het lijf te jagen.

Dat de gemeente Utrecht dus zo, in een soort pop-up buitentheater met mannen als figurant, zou laten zien wat ze doet tegen straatintimidatie, waarvan naar ik heb begrepen vooral vrouwen en homo’s het slachtoffer zijn en de werkelijke daders jonge mannen.

 

En dan maar hopen dat de filmpjes van die vertoning ook in de moskeeën en de buurthuizen zouden worden uitgezonden, en op YouTube, zodat er richting die jonge mannen wellicht nog enige afschrikwekkende werking van zou uitgaan.

Dat had ik verwacht.

In werkelijkheid stond er één lullig scherm, waarop een deel van een blank gezicht met een typische D66-meidenstem “Hé kale meneer, ben je ook kaal van onder?” tegen me zei.

En tegen een andere man, niet zijnde Kees ‘ijscoman’ Verhoeven: “Ik zie u lekker likken aan een ijsje. Kunt u bij vrouwen ook zo likken?”

Zowel die andere man als ik werd even verderop opgevangen door een vrouwelijke ambtenaar van de gemeente.

Nazorg!

Dacht ik.

 

Toen die andere man zei dat hij het wel een geinige opmerking vond over dat likken, stuurden ze ‘m weg.

En toen ik zei dat ik de vraag over mijn kaalheid na de rel bij de Oscar-uitreiking echt veel minder hoog opnam dan Will Smith destijds, keek ik opeens in een volkomen leeg gezicht.

“Huh, Oscar? Ik ken geen Oscar. Maar voelde u zich wel geïntimideerd? Of bent u in ieder geval bereid om te doen alsof u zich geïntimideerd voelt? Want het is bijna vijf uur en er staan hier nogal wat televisieploegen die op zoek zijn naar quotes van mannen die zeggen dat ze nú opééns snappen wat al die vrouwen op straat overkomt en dat ze dit zullen doorgeven aan hun kinderen en op de voetbalclub enzo. Wilt u dat? Alstublieft!”

Toen gooide ik er uit ergernis over de verloren rit van Eesterga naar Utrecht per ongeluk een nogal Rotterdams antwoord uit.

“Je kunt me de kloten kussen.”

 

En nu is het wachten op de hulpofficier van justitie die komt vertellen of hij me al naar huis mag laten gaan van u of dat ik nóg een nachtje in de cel moet doorbrengen als afschrikwekkend voorbeeld voor al die andere mannen die vrouwen seksueel intimideren op straat.

Wat eerlijk gezegd voelt als klassenjustitie.

Want ik hoor veel geluid uit de cellen naast me, maar overduidelijk niet de stem van Alexander Pechtold.

Groet,

JanD

PS. Cadeautje. U begon erover hè, u begon!

PS2. Nog maar 23 te gaan ;-)

Disclaimer: Het dagelijkse ‘Briefje van Jan’ wordt mede mogelijk gemaakt door donaties via Backme. Waarvoor dank!